zaterdag 14 april 2018

Van Serawak, Borneo naar Singapore

Het einde van het regenseizoen is daar dus tijd om te vertrekken. Ik heb niet het gevoel er al aan toe te zijn maar aangezien onze visa aflopen zullen we wel moeten. Ik heb het gevoel zoveel nog niet gezien te hebben van Serawak en Saba is er al helemaal niet van gekomen. We zullen de nieuwe ankerketting in Singapore moeten kopen.
Van Harte Welkom
Serawak, een provincie in een verdeeld Maleisië. Land van grote schoonheid maar ook deprimerende lelijkheid door de kilometers, kilometers oliepalm plantages, een industrie gerund door voornamelijk Chinezen en een grote bron van inkomsten, maar voor wie? Afschuwelijke eentonige monocultuur benauwend en zelfs sinister, km na km. Eindeloos groen landschap maar het laat geen werkelijke fauna en flora zien. De prachtige neushoornvogel (hornbill), de mascotte en het symbool van Serawak, hebben we maar een keer kunnen spotten. In afgebakende nature reserve parken worden dieren zoals o.a. Orang-oetan nog opgevangen en verzorgd maar voor hoelang? Het geld dat de toeristen binnen brengen beschermd ze nog in zekere zin. De kap van de jungle ten behoeve van de oliepalmindustrie gaat gestaag en in hard tempo door. Het stemt me zo verdrietig! We zien het overal om ons heen gebeuren terwijl we met een auto door Serawak rijden. Zoveel vernietiging van de bestaande natuur. Een artikel onlangs in het NRC; "-Door ontbossing worden orang-oetans naar de randen van de bossen gedwongen en komen ze vanzelf in de buurt van mensen."-
Moeten we de vele producten boycotten waarin palmolie verwerkt zit? Pas op, je hebt er een dagtaak aan. Ik heb wel een opmerking gestuurd n.a.v. een kookrecept in het NRC, waarin volgens mij onnodig palmolie werd aanbevolen.
Longhouse, waarin een hele dorpsgemeenschap samenwoont.
Maar zoals gezegd, Serawak is ook een land van grote schoonheid. We bezoeken bezienswaardigheden als longhouses, parken en markten. Lopen in de jungle en bezoeken het terrein waar ieder jaar een groot worldmusicfestival wordt gehouden en zien daar een optreden van lokale dansgroepen.
Het Chinees Nieuwjaar viel samen met onze trip en dat betekende dat bijna alles 4 dagen gesloten was. Ook kregen we bericht van Francien en Ad, vrienden die ons vertelden dat hun zoon Levi overleden was. Dat drukte de stemming, ook omdat we niet bij ze konden zijn.

We maken ons klaar om naar het zuiden van West-Maleisië te varen door Singapore waters. Ik maak nog even de groetvlag van Singapore om onder de zaling te hijsen. We hebben 4 dagen in rustig weer kunnen zeilen en bij het naderen van Singapore werd het steeds drukker met de uit de kluiten gewassen oceaanstomers, sommige wel 385 meter lang!
Beeld van het AIS systeem
Op een foto van het AIS-beeld ( Automatic Identification System) kun je zien hoeveel schepen er voor anker liggen waar wij doorheen moeten navigeren. De rode lijn is onze vaarroute.
Singapore aandoen met de boot is niet te doen i.v.m. de noodzaak om een agent in te schakelen. Veel te duur, zeker als het maar om een korte periode gaat.
We liggen met Drifter in de rivier aan Maleise kant in een bewaakte luxueuze marina, omringd door torenflats. Overal wordt gebouwd, hoge torenflats waarin heel wat appartementen leeg staan. Een booming en luxe deel van Maleisië. Het leger van Singapore oefent aan de overkant van deze rivier. Patrouille boten varen op en af. Bijna iedere dag is het schieten, soms met behoorlijk zware bommen, met rookzuilen. Het knalt behoorlijk tussen de torenflats. De grote ramen rammelen in hun sponningen. Hoe mooi het appartement ook is, hier zou je geen minuut willen wonen.

We nemen de bus naar Singapore om op zoek te gaan naar de ankerketting die in Maleisië niet te krijgen is. Arnold heeft wat adressen en offertes. Het kost ons 5 uur met verschillende bussen en treinen om de afstand van hemelsbreed een paar kilometer naar het eerste adres te overbruggen! Niet alleen het overstappen van bus naar bus maar ook bij de immigratie en douane aan beide zijden staan honderden mensen te wachten. Het systeem werkt niet zo efficiënt en het lijkt haast op een manier van ontmoedigen om op deze manier te reizen.

Singapore, Gardens by the Bay
Al eerder in de flessenpost van 2014 schreef ik;
Dat Singapore bruisend, kosmopolitisch, multicultureel en een intrigerend mengsel van oud en nieuw is. Dit land is zo goed georganiseerd dat zelfs de tijd van oversteken bij een zebrapad aangegeven staat en vergezeld gaat met geluid van stappen, op het laatst versnellend! Niemand onderscheid zich en we missen de gezelligheid op straat. Is dat wat men bedoeld met 'nieuw'? Vanaf de 50er jaren worden er in de buitengebieden ontelbare torenflats gebouwd en vanuit overheidswegen werd en wordt er vooral gestimuleerd om daar te gaan wonen. Veel groen, mogelijkheden voor sport, speeltuinen, parken, wandelpaden en overdag geen mens te zien! Waar zijn toch al die mensen, moeders met kinderen, kletsende buurvrouwen en ouderen met hun dambordje, de leugenbankjes zoals wij er honderden in Nederland hebben? De Singaporese bevolking lijkt altijd onderweg en iedereen, werkelijk iedereen 'communiceert?' via mobile phone, tabletten en laptops. In de metro praat niemand, allen druk in hun eigen wereld via het display. Nergens schreeuwende reclames en geen lawaai of zelfs geluiden. We hebben gelezen dat de regering, die autocratisch wordt genoemd behoorlijk indoctrineert met ontelbare ‘’opvoedkundige’’ boodschappen. Iedereen behoort te werken. Ledigheid is des duivels oorkussen! Is er in dit land geen armoede, geen daklozen? Nergens een stukje papier, kauwgum, graffiti en de bussen zijn nieuw en brandschoon. Er hangen overal camera’s! Big Brother is...? Geen excessen, geen andersdenkenden? Niemand springt eruit, één schone grijze massa. Alleen maar torenflats met stukjes groen?
Nee, gelukkig zijn Chinatown en de Indische buurt een beetje anders, kleurig, rommeliger, schreeuwend maar vooral toeristisch. En hier overal food-courts en kleine restaurantjes.

Wij vinden uiteindelijk een goede zaak voor scheepswaren en slagen voor 120meter ankerketting. Nu nog proberen deze in Maleisië te krijgen. Een taxi blijkt de enige praktische mogelijkheid. Arnold, voorzien van alle paperwerk speelt het eerlijk en prompt wordt hem door de Maleise douanebeambten gezegd voor de ketting invoerrechten te moeten betalen, 21 Euro per kg. De ketting weegt 270 kg! Een veelvoud dus van wat te ketting waard is. 'Maar oké, er valt misschien nog over te praten.' Uiteindelijk weet de taxichauffeur na lang onderhandelen het bedrag terug te brengen naar 55 Euro, een willekeurig bedrag. Dat verdwijnt natuurlijk in de broekzak. Kijken wij hier nog van op? Niet dus.... of eigenlijk wel! In elk geval goed boos! Ook de chauffeur kan er niet over uit en is zichtbaar ontdaan. Hij zegt zich te schamen voor zijn land en biedt wel honderd keer zijn excuses aan. Hij wil zelfs korting geven op de ritkosten.

Eind april ga ik terug naar Nederland en Arnold begint aan de voorbereidingen om naar Zuid Afrika te varen. Het plan is om samen met Joran, een Nederlander half mei te vertrekken. Hopelijk in Augustus zien Arnold en ik elkaar weer. Laten we zeggen, dat we samen van het corso kunnen genieten.

Groet en tot de volgende blog.
Coby
april 2018


Serawak is ook bekend om de peper.
 
Soms wel 385 meter lang en 60 meter breed.



 


 
Drifter in de marina
......en art rond de marina

Veel decoratie.....

Zo ook in Singapore
 



120 meter is toch een flink eind, en zwáár....


De groetvlag van Singapore onder de zaling

Die vlinder is ruim 15 cm.
 
Nee, het zijn echt gewoon vleesetende planten.
Kippen in diverse verpakkingen....

....en uitvoeringen.


Je kunt het zo gek niet verzinnen... Eet smakelijk!


Nog een longhouse
en interieur.

 



maandag 22 januari 2018

Van Nederland naar Oost-Maleisië, het noordoosten van Borneo.

Het is december en we vliegen weer naar Maleisië. Arnold heeft al eerder Drifter naar Kuching, de hoofdstad van Sarawak, gevaren en daar ligt ze in de marina op ons te wachten. Van vriesweer in Nederland naar de hitte in Azië, een aangename omschakeling. De stacaravan tot mei 2018 weer winterklaar gemaakt, het Zundertse corsojaar van 2017 afgesloten, na de belofte dat ik op tijd weer terug zou komen. 
En zoals gehoopt ligt Drifter er goed bij, maar wel erg vuil, alle lijnen en trossen zijn groen.  Binnen nauwelijks schimmel omdat Arnold bakken met chloor heeft geplaatst. Dat werkt dus prima.        

De provincies Sarawak en Sabah zijn deelstaten van Maleisië gelegen in het noordwestelijk deel van het eiland Borneo, doorsneden door het oliestaatje Brunei. Dit gedeelte van Maleisië was ooit deel van het rijk van de sultans van Brunei en een tijdlang geregeerd door de ''White Radjahs'', een dynastie van de Engelse Brooke familie. In 1946 verkochten zij het aan de Britse kroon die het gebied tot 1963 als kroonkolonie beheerde. In september van dat jaar werd Sarawak deel van de federatie Maleisië. De oude culturen dreigen daarmee verloren te raken onder het bewind van het groter geheel. Gedaan was het ook met het barbaarse koppensnellen. Het zien van tentoongestelde oude gekrompen hoofdjes doet het goed bij de toeristen, een ware attractie! De 'longhouses' in de jungle brengen ook nog wat toeristengeld in het laatje.

Drifter ligt in de Sarawak-rivier in een kleine bewaakte marina. Helaas is de elektra op de steigers met hoog water beschadigd en er is geen budget om het te herstellen. De rivier kent een enorm verval tijdens eb en vloed. Bij spring kan het verschil wel 5 tot 6 meter zijn. Met de stroom mee komen er soms grote delen of hele bomen langs of zelfs in de marina drijven. Soms hebben we onze klewang (groot slagmes) nodig om de stammen en wortels weg te hakken. Drifter ligt gelukkig in een gunstige hoek. We hebben vaak gezelschap van een politieboot aan de ponton, het enige gezelschap hier. De 6 andere onbemande zeil- en motorboten liggen er verlaten bij. Naast ons aan de steiger een klein onooglijk vuil maar wel spannend zeilbootje, dat duidelijk in grote haast is achtergelaten. Het kapotte grootzeil niet opgedoekt maar slordig onder de giek hangend door weer en wind losgeschoten, het verval gaat hard. Het verhaal gaat dat de eigenaar daarmee single-handed over de wereld is gereisd, zelfs naar Patagonië. Een stuiterend notendopje op die grote oceanen. Nu helaas een abrupt einde voor dit bootje.  
Bij eb lopen strandlopers en witte reigers langs de oevers hun maaltje bijeen te scharrelen. De witte reigers houden zich bij hoog water op in de bomen, het lijken dan alsof ze in bloei staan, zoveel zitten er op de takken. Ook zien we iedere dag een koppeltje ijsvogels.
Onze buren op de steiger.
Food-courts te over...
Zij zien in de modderige water van de rivier blijkbaar genoeg voedsel.

Over eten gesproken; het moet echt gek gaan als je hier in Maleisië niets naar je gading kunt vinden. Overal zijn food-courts. Dat zijn ruimtes waarin meerdere kleine stalletje hun eigen specialiteiten klaar maken en verkopen. Het eten is gevarieerd, goedkoop en heerlijk. Noodles-dishes in alle soorten, roti, laksa soepen met zowel vlees als vis met pindasmaak, de zoute gefermenteerde visjes, babi, nasi campur, mie-  en nasi goring, schotels zoals; mamak, bee hoon, kway teow en gangkok. Daarnaast het vele en veelzijdige fruit, de avond- en dagmarkten, de eetstalletjes aan de kant van de weg.  Als je een beetje weg kunt kijken van de plastic stoelen, borden en de wirwar van elektriciteitsbedrading is het iedere dag uit eten gaan een speciale ervaring. Enne zoals Ardi altijd zegt; ''het kost een drol en drie knikkers.''

 Zwemmen of onder water de zaak schoonmaken is er niet bij! Op mijn vraag of er krokodillen zijn waargenomen was het antwoord daarop; ''No no, not so much!'' Nou ja, een is al genoeg nietwaar? Komen we terug van een ritje met de motor blijkt dat er een krokodil onder bij de pontons is gezien! O,ja! Ook ratten en muizen, wel gezien, waarvan de eerste door ons al meteen op de plakmat gevangen wordt. Zij komen via de lijnen en stootwillen aan boord. Dit hopen wij tegen te gaan door lege plastic literflessen op alle trossen aan te brengen. Bij het klimmen over de touwen draaien deze flessen rond zodat het ongedierte eraf valt! Fingers crossed! Arnold heeft ook geëxperimenteerd met netjes mottenballen binnen op alle luiken en langs openingen aan te brengen, de geur houdt ze hopelijk op afstand. Ons trouwens ook. 

December, vanuit Nederland  krijgen we veel foto's van sneeuwtafereeltjes wat we natuurlijk geweldig vinden. Hier veel regenbuien en donderwolken, maar een stuk warmer! Ook minder goede berichten van twee mensen die te maken krijgen met kanker. Chemo kan bij beiden nog toegepast worden. Ook hier vingers gekruist.

Ik heb net het reisverslag gelezen van Lara, de dochter van vrienden die al eerder dit gebied bezocht. Van haar lazen we dat Sipadan een prachtig snorkel gebied is en zij maakte ons zeker nieuwsgierig naar een boottocht van drie dagen via de Kinabatanganrivier en zeker de moeite waard als je veel dieren wil zien. Gaan we ook doen.Een Maleise man, Shing genaamd, die we uitnodigen aan boord voor een kopje koffie vraagt ons om met hem zijn durianplantage te bezoeken, de volgende dag weer terug. Nieuwsgierig als we zijn gaan we mee. Op de plantage aangekomen is het inmiddels donker, Een klein lampje wordt via een accu aan gelegd. We brengen de nacht door even verderop in een nog half af te bouwen huis maar wel met een dichte kamer en gelukkig met een bed erin. De volgende morgen na een ontbijt van noodles en zoet gebak gaan we werken in de plantage. De durians hangen aan hoge bomen en zij vallen vanzelf naar beneden op de zachte bosbedekking, zij wegen gauw 1 tot soms wel 8 kilo. Helmen lijken mij hier niet overbodig! Shing vertelt dat de zware vruchten niet in de morgen naar beneden komen. Toch horen wij 3 keer de vruchten met een harde plof vallen. Wij verzamelen ze om op de markt verkocht te worden. De durian is een flinke vrucht, met gevaarlijk ogende stekels. Alle ramen van de auto moeten tijdens het vervoer open want de penetrante geur van de durian is niet te harden. In sommige gebouwen is het verhandelen van deze vrucht daarom ook verboden. Ook in het openbaar vervoer. Snappen wij helemaal.  Het wordt niet voor niets ook wel stinkfruit genoemd. Als je je er overheen zet is het een heerlijke vrucht. De pudding-achtige substantie smaakt krachtig en scherp, maar tegelijk ook zoet en romig. Qua smaak wordt de durian ook wel vergeleken met vanillevla, knoflook, ui en schimmelkaas en dat tegelijkertijd. Klinkt niet erg smakelijk, maar toch! Ook durianijs is heel heerlijk.
 We bezoeken een ander gezin waar we worden verrast met een uitgebreid visdiner. Deze familie heeft op hun farm naast veel groenten en fruit ook een groot meer met uitgezette rivierbaars. Als we willen vertrekken krijgen we ook van hen veel fruit mee. Onderweg komen we langs dorpen die genoemd zijn naar de vroegere spoorlijn; ‘Seven Miles’, ‘Twelve Miles’ en zo verder tot 30 mijl. De spoorlijn hield daar op en heeft maar 8 jaar dienst gedaan! Werd toen opgeheven doordat er geen onderhoud gepleegd werd. Bij het wegvallen van de spoorbaan hebben deze dorpen hun nummernaam toch behouden.


Arnold en ik klussen tussen de buien door aan de boot nu we hier blijven. Er is genoeg te doen. In februari kunnen we een nieuwe ankerketting kopen die we met een auto gaan ophalen. Door Sarawak, Brunei en Sabah. Brunei, het land van sultans, Shell en Islam doorkruisen we op de weg naar Sabah. Alleen een stempel in het paspoort erbij. Dat komt neer op ongeveer van Nederland naar Spanje rijden om die ketting op te halen!

We blijven met Drifter nog zeker een maand hier liggen omdat het weer niet stabiel is in deze tijd van het jaar. Cyclonen vanuit de Filippijnen hebben daarin een grote invloed. Intussen rijden we met ons motortje rond, genoeg markten en andere bezienswaardigheden en eten we onze buiken rond. Heerlijk!



Zoals ik misschien wel eens vertelt heb schrijven wij onze plannen altijd op het strand in het zand bij laag water... Welnu, in gesprekken met zeilvrienden werd Arnold toch weer getriggerd en uiteindelijk kon hij niet langer weerstand bieden aan de uitdaging. Hij heeft dus besloten om Drifter weer terug te varen naar Europa. De eerste etappe zal de oversteek van de Indische Oceaan zijn vanuit Maleisië naar Zuid-Afrika. Hij denkt begin mei te vertrekken en de trip zal naar verwachting zo'n drie maanden duren, er zijn onderweg een aantal mooie eilanden aan te doen zoals Cocos Keeling, Rodrigues, Mauritius, Reunion en Madagaskar. Een hele onderneming. Onderweg zijn de afstanden aanzienlijk en geen wifi-mogelijkheden. Hopelijk kan ik hem toch nog bijbenen vanuit Nederland.


Tot zover maar weer, warme groeten vanuit Kuching, Maleisië.

januari 2018

Coby

 

De binnenkant van durian